zenuwstelsel

De functie van het zenuwstelsel is het integreren van informatie uit een steeds veranderde omgeving en gegevens afkomstig van de interne werking van het lichaam; zo kan het organisme aanpassingen invoeren om de overlevingskansen te optimaliseren.  Een illustratie hiervan vinden wij in het ontstaan van het zenuwstelsel: het oudste systeem is een netwerk van cellen en hun verbindingen rond het darmkanaal. Dit primaire netwerk -het enterisch zenuwstelsel- zorgt zonder inmenging van buitenaf voor een efficiënte spijsvertering  onder andere door de darmbewegingen te coördineren.

Het is niet verwonderlijk dat een optimalisatie van de voedingsopname al het andere voorafging. Bij onze voorouders kwam -zoals nu nog bij de neteldieren- alle voeding binnen en verlieten de uitwerpselen het lichaam via één en dezelfde opening. Een eerste stap in een meer efficiënt lichaam was het organiseren van éénrichtingsverkeer in de verteringsholte door er een uitgang aan toe te voegen. Deze grote groep van dieren wordt de deuterostomia genoemd; door het feit dat mond en anus twee aparte openingen van het darmkanaal zijn, krijgt het lichaam ook een richting: de mond vooraan, de aars achteraan.

De volgende "verbetering" bestond uit de chorda dorsalis, dit is een flexibel, staafvormig orgaan dat samen met de spieren efficiënter voortbewegen mogelijk maakt.

Hoe moeten  wij "efficiënt voortbewegen" beoordelen? Misschien is "naar voeding toe" en "weg van de muil van een hongerig roofdier" een goede overlevingsstrategie.

Ook ontstonden in lang vervlogen tijden hoopjes zenuwcellen -ganglia- die met elkaar informatie uitwisselden. In de lengteas van het lichaam, onder de chorda dorsalis,  lagen er een heleboel, één ervan -aan de ingang van het spijsverteringsstelsel  gelegen-  bleek het meest nuttige en werd het grootst van allemaal. Dit "grote mondganglion" kontroleerde - zoals een citadel aan de monding  van een stroom de passage van schepen kontroleert - de opname van voeding.  Het "grote mondganglion" vormde het primitieve  brein, wat verder tot de hersenen uitgroeide.